Vroegmiddeleeuwse bewoning en stadswal aangetroffen bij De Bombazijn

OLDENZAAL – Bij een archeologische opgraving aan de Monnikstraat in Oldenzaal zijn resten aangetroffen die de bewoningsgeschiedenis van de locatie terugbrengen tot de Vroege Middeleeuwen. Naast sporen uit de 18de en 19de eeuw, waaronder een katoenspinnerij, kwamen resten van de middeleeuwse stadswal aan het licht, vroegmiddeleeuwse huisplattegronden en mogelijk een poorttoren of poortgebouw dat in de wal was opgenomen.
De katoenspinnerij
In het eerste opgravingsvlak werden muurresten, poeren en uitbraaksporen aangetroffen van een katoenspinnerij die op basis van het aardewerk dateert uit de periode 1750–1850. Een mortellaag die tot deze structuur behoort bevatte twee 19de-eeuwse munten. Buiten de contouren van de spinnerij werden diverse paalkuilen en afvalkuilen aangetroffen, waarvan een deel in de 17de of 18de eeuw dateert.

De stadswal
Een van de belangrijkste resultaten van het onderzoek betreft de aansnijding van de middeleeuwse stadswal van Oldenzaal die behoorde tot de ringwalburg uit de 9de eeuw. Het wallichaam tekende zich in het oostelijke deel van de bouwput af als een opbouw van gestapelde lagen. Langs de volledige lengte van de wal werd een standgreppel aangetroffen die vermoedelijk een houten beschoeiing of grondkering van het waltalud vertegenwoordigt. De lagen van de wal zijn schoon, op wat bioturbatie na. Aan de binnenzijde van de wal zijn beduidend meer sporen aangetroffen dan eronder, wat aangeeft dat de meeste activiteit plaatsvond tijdens of na het gebruik van de wal.
Een mogelijk poortgebouw in de wal
In de noordoosthoek van de bouwput werden de resten aangetroffen van een groot rechthoekig gebouw van circa 7 bij 8 meter, dat diep in de wal was ingegraven en volledig was uitgebroken. De uitbraaklaag bevatte uitsluitend zandsteen en ijzeroer, een combinatie die in de richting van een vroege datering wijst, mogelijk vóór 1250. In de vulling werden een zilveren munt, meerdere fragmenten van een bronzen grape, grijsbakkend aardewerk, protosteengoed en kogelpotscherven aangetroffen. Het is niet zeker of dit materiaal met de gebruiksfase van het gebouw samenhangt of met de sloopfase.
Ter plaatse van dit gebouw maakt de standgreppel langs de wal een lichte knik en is een extra stuk standgreppel haaks op de wal aanwezig. In de standgreppel zijn bovendien twee forse paalkuilen vastgesteld waartussen de greppel ondieper is aangelegd en naar buiten buigt, wat een doorgang suggereert. In het verlengde hiervan is centraal in de wal een grote ondiepe kuil aangetroffen die mogelijk een verdedigingsfunctie had. Op basis van deze samenhang van sporen is het aannemelijk dat het uitgebroken gebouw een poortgebouw of poorttoren betrof, gelegen bij de Monnikstraat, behorend tot een latere bouwfase van de wal (vermoedelijk de 12de of 13de eeuw). De situatie vertoont overeenkomsten met vroeg-stedelijke verdedigingswerken elders, waarbij torengebouwen reeds voor de aanleg van een stenen stadsmuur in de aarden wal waren opgenomen, zoals bekend is uit Deventer.

Vroegmiddeleeuwse huisplattegronden
Onder de wal, in het diepste opgravingsvlak, werden paalsporen aangetroffen die deel uitmaken van minstens twee vroegmiddeleeuwse gebouwplattegronden. Op basis van de ligging en aard van de sporen gaat het bij één van de plattegronden vermoedelijk om een wandgreppelhuis, een gebouwtype dat dateert uit de 7de en 8ste eeuw. Eén structuur loopt evenwijdig aan de binnenzijde van de wal; een andere heeft licht gebogen wanden en staat haaks op de wal. Het aardewerk uit deze sporen bestaat vrijwel uitsluitend uit handgevormd Hessens-Schortens-aardewerk. Uit de onderliggende Karolingische cultuurlaag is eveneens vrijwel uitsluitend handgevormd aardewerk afkomstig, met mogelijk een vroeg kogelpotfragment. Het feit dat de vroegmiddeleeuwse bewoning aantoonbaar ouder is dan de wal geeft aan dat de locatie al intensief in gebruik was vóór de aanleg van de stadsverdediging.
In de laatste week van het onderzoek werd Sascha Benerink door opdrachtgever Stadsbrouwerij De Bombazijn geïnterviewd over de resultaten van het onderzoek:
In het nieuws
- Hoe een simpele bak zand in Oldenzaal ineens een soort schatkist blijkt: ‘Dit komt uit de 8ste eeuw’; door Fleur Rutenfrans (Tubantia, 8-4-2026)

